Angus Runderen


Het rund heeft een geweldig karakter en een goed en sterk groeipercentage. Daarnaast heeft Angus een uitstekende conversie en veel vleesproductie. Angus vlees levert een zeer goede prijs op.

De Herkomst

Aberdeen Angus, Black Angus of Angus zijn verschillende namen voor hetzelfde, wereldberoemde ras. Het is het meest gehouden vleesras ter wereld. En volgens velen zonder twijfel het beste en lekkerste vlees. De Aberdeen Angus is in de 19e eeuw ontstaan uit hoornloze Schotsche veerassen zoals het Glenvee, de Polled, de gehoornde Aberdeenshire en de Forfarshire. Het oorsponkelijke fokgebied ligt in Oost-Schotland tussen de Noordzeekust en het Hoogland. Het omvat de graafschappen Banff, Aberdeen, Kinkerdine en Angus. Veehouder Hugh Watson (1789-1865) in Keillor wordt als de belangrijkste grondlegger van dit ras gezien.

De Kenmerken
De Angus is een sterk natuurlijk ras dat zomer en winter buiten kan lopen. Het ras is uitermate geschikt voor het onderhoud van natuurgebieden. Ze gedijen in arme, onbemeste graslanden en behoeven geen bijvoeding met krachtvoer of maïs. Het korte haarkleed van de Angus is eenkleurig zwart. Soms kleurt er een rode gloed over de lange winterharen. De zwarte kleur is dominant, maar af en toe komen ook rode kalveren voor (Red Angus). De kleine, gedrongen kop is hoornloos. Ondanks dat hoornlooseheid dominant vererft, komen gehoornde exeplaren een enkele keer voor. De oorspornkelijk Aberdeen Angus is klein van stuk. Kort en fijn beenwerk ondersteunt het cilomdrisch gevomde lichaam. Gezien van opzij hebben de dieren een typische rechthoekige vorm, met een duidelijk, tussen de voorbenen uitstekend borstbeen. Koeien bereiken een schofthoogte van 120 cm en wegen zo'n 500 kilo. Stieren worden 10 cm groter en kunnen tot 800 kg wegen.

De Verzorging
Fokkers en slagers roemen het ras om het karakter. Het zijn hele rustige dieren. Ook zijn ze heel makkelijk te verzorgen.
Ze zijn zeer zelfredzaam en kunnen eigenlijk jaarrond buiten verblijven. Daarbij lijken ze soms te groeien van de wind. Ze zijn niet kieskeurig op hun voedsel en groeien al van hooi en extensieve weiden. Om ze af te mesten gebruiken veehouders dan ook vaak geen brok of maïs. Kuilvoer of hooi is voldoende.